|
Gamedrive in de Selous Dag 18 Dinsdag 21 oktober Het was een warme nacht. Tussen 4.00 en 6.00 uur ’s ochtends wordt er flink getrommeld. Waarschijnlijk kwam dit van een feest uit het dorp waarbij gevierd werd dat een meisje vrouw geworden is. Aangezien iedereen al eerder wakker is, beginnen we ook al wat eerder met de tenten afbreken. Het ontbijt bestaat uit toast, gebakken eieren, worstjes en diverse soorten fruit. Rond 8.00 uur vertrekken we naar het Selous. Selous is het grootste wildpark van Afrika met een oppervlakte van 51.000 km². De concentratie dieren is hier minder groot in vergelijking met het noorden van Tanzania. De dieren zijn er schuwer, omdat ze veel minder toeristen gewend zijn. Een Afrikaans stukje wildernis met een ruig gebied van savanne, wouden, meren, moerassen en dat alles doorsneden door de Rufiji-rivier. Nog voor de ingang van het park zien we zebra’s, wrattenzwijnen en impala’s. Bij de ingang zien we 2 olifanten en gele bavianen. De gele bavianen zijn slanker dan de bavianen uit de Serengeti en Tarangire. Na wat langere gate-perikelen kunnen we later het park in. Al snel zien we giraffen, gieren, impala’s, wrattenzwijnen en mongoes. Helaas krijgt onze auto pech en moeten we wachten op een nieuw onderdeel. We worden, evenals de bagage, verdeeld over de andere jeeps en zetten de tocht voort. Eenmaal bij de campsite aangekomen blijken we de rest onderweg kwijtgeraakt te zijn. De chauffeur van de jeep waar Jos in zit, staat te wachten bij het graf van Selous, omdat hij de weg naar de campsite niet weet. De campsite is van hetzelfde soort als gisteren, primitief. In de warme zon zetten we de tent op, alleen de binnentent, de rest hebben we hopelijk niet nodig. Rond 14.00 uur gaan we lunchen, spaghetti met gehaktsaus en watermeloen toe. Om 16.00 uur gaan we, in gezelschap van een gewapende guard, lopend naar Lake Tagalala. Bij het meer zien we nijlpaarden, krokodillen, impala’s, gele bavianen, een geelbek-ooievaar en nog vele andere mooie vogelsoorten. Het looptempo ligt laag, maar het is ook snikheet, volgens Frank ca. 40 graden. Na ruim anderhalf uur bereiken we de maji moto, een warmwaterbron met een kleine waterval, omringd door rotsen en tropisch groen. De onderste bron is al warm, Jos en Frank nemen de hogere en dus nog warmere bron van ca. 60 graden. Onder de waterval spoelen we het zand uit onze haren. Na het badderen voelen we ons allemaal een stuk frisser dan daarvoor, tja en wat er nog meer in het water heeft gezeten…(daar denken we maar niet aan). De jeeps brengen ons weer naar de campsite. Inmiddels is onze jeep ook weer gerepareerd. ’s Avonds eten we soep, aardappelen, rijst, kip, roerbakgroenten en ananas. Nog even wat drinken en nababbelen bij het kampvuur en daarna lekker slapen. Morgen vroeg uit de veren om de hele dag te kunnen gamedriven. |
Directe Link |
